Achtergronden van het medicijnprobleem

Achtergronden van het medicatieprobleem
*Wetenschappelijk gezien zouden een aantal zaken scherper of exacter geformuleerd kunnen zijn. Het was echter niet de bedoeling van de schrijver om er een artikel voor vakbroeders van te maken. Veel meer ging het er om aan de leek in begrijpelijk Nederlands uit te leggen wat de achtergronden zijn. Er zijn mensen die zich nergens druk over maken. Er zijn mensen die alles langs zich af laten glijden en nergens om malen. Neem het probleem van de verstrekkingen van geneesmiddelen voor duiven. Er waren de afgelopen maanden invallen bij diverse dierenartsen gespecialiseerd in duiven. Een goed deel van hun medicijnvoorraad werd in beslag genomen alsmede de boekhouding en zelfs nieuwsbrieven. Alsof je daarmee zou aanzetten tot grotere en ongebreidelde medicijnconsumptie. Invallen van de AID bij dierenartsen? Medicijnvoorraad in beslag genomen? Je gaat je dan afvragen welke duistere praktijken hier hebben plaatsgevonden die het daglicht niet kunnen verdragen, toch? Gek genoeg overheerst echter een vreemd soort gelatenheid en stilte. Er zijn weinig duivenmelkers die in de afgelopen weken de hemel bestormden omdat er bij dierenarts X of Y een inval plaatsvond. Er is in de verste verte geen sprake van paniek of onrust en we doen het af als ‘het probleem van een ander’. Is dat ook zo? Hebben wij er geen last van en gaan we er ook geen last van krijgen in de toekomst? Waar gaat dit allemaal over en wat zijn de achtergronden. Brief van de vorige staatssecretaris
Er bestaat zoiets als de Landelijke Werkgroep Duivenoverlast (jawel hoor, ik heb het echt niet verzonnen!) die het ministerie (in januari 2001 alweer) vroeg om een reactie op de ‘door postduiven veroorzaakte overlast, alsmede de aan duivensport verbonden welzijns- en dopingproblemen. Het ministerie (in dezen de staatssecretaris Geke Faber erkende toen dat: “…….het afdwalen van duiven een voorbeeld is en de aanwezigheid van afgedwaalde duiven en hun nakomelingen in steden eveneens als overlast wordt ervaren. Hij vindt dit een verantwoordelijkheid van de sport zelf om dit probleem op te lossen. Daarnaast, en daarmee ingaand op de welzijns- en dopingproblemen, controleert de AID het gebruik van niet in het kader van de Diergeneesmiddelenwet geregistreerde middelen. Uit deze controles is mij (Geke Faber) bekend dat in de duivenhouderij niet geregistreerde diergeneesmiddelen worden gebruikt en dat er ook gebruik wordt gemaakt van doping”. Einde citaat. Voorbarige conclusies
Naar mijn overtuiging is het helemaal niet wetenschappelijk aangetoond dat stadsduiven steeds opnieuw ‘aangevuld’ worden met verdwaalde postduiven. Net zo min als je zo maar mag concluderen dat er alom vrijelijk wordt gedeald met niet geregistreerde medicijnen en doping. Maar los daarvan, met dat soort ‘jumping to conclusion’ heeft de duivensport wel te maken en het toont aan, ook al merken wij er op ons eigen duivenhokje niet zo veel van, de overheid is wel degelijk met ons bezig. Sterker nog, als zo’n staatssecretaris ‘officieel roept’ dat er gebruik gemaakt wordt van niet geregistreerde geneesmiddelen en zelfs van doping dan zijn er meer dan ‘harde aanwijzingen’ voor. Onze eigen NPO heeft de laatste jaren wat stappen gezet, ook internationaal hiertoe aangemoedigd, om het gebruik van ‘oneigenlijke middelen’ terug te dringen. Maar de NPO heeft zich niet bemoeid met de autonomie van de veterinaire stand. En dat zou voor een goed deel ook gedrag ‘buiten het boekje’ zijn. En het moet duidelijk zijn, als we zelf geen orde op zaken stellen (of niet willen danwel kunnen), dan doet de overheid dat voor ons. Heel langzaam, maar het gebeurt. Er zijn nog altijd veel te veel liefhebbers die menen dat ‘de publieke opinie’ wel wat anders te doen heeft, dan aandacht schenken aan de duivensport. Fout. We staan wel degelijk in de picture. Getuige bijvoorbeeld de wetsvoorstellen die onlangs ingediend werden in België en die het vervoer van duiven limiteren binnen 48 uur, met een temperatuurlimiet komen van 30º en een maximale afstand van 500 kilometer voor vrachtwagens. Gebaseerd op een beeld dat dit vervoer over de weg niet altijd met het beste vervoermiddel gebeurt. En als het welzijn van de dieren bij onszelf niet in goede handen is dan bemoeit de overheid er zich wel tegenaan. Hoezo, geen aandacht van de publiek opinie? Niet geregistreerde medicijnen
Er zijn ontzettend veel medicijnen die ‘niet geregistreerd zijn voor duiven’ maar
die de dierenarts wel mag voorschrijven. Geregistreerd voor duiven betekent
immers: in een aantal wetenschappelijke verantwoorde test bewezen voldoende
danwel goed werkzaam te zijn tegen een bepaalde ziekte zonder daarbij grote
nevenwerkingen te vertonen. Registratie van een nieuw medicijn is ook
afhankelijk van het feit of er een ander equivalent reeds geregistreerd is. Met
andere woorden, als er een redelijk alternatief is wordt registratie al bijna
onmogelijk. De overheid heeft er immers een belang bij om het aantal
registraties te beperken.
Niet geregistreerd in dit verband betekent dus: niet specifiek getest op duiven
maar wel bijvoorbeeld bekend uit humane verstrekkingen of verstrekking aan
andere dieren.
Verstrekkingen
Naast de registratie bestaan er ook nog allerlei beperkende regels voor de
productie en verstrekking. Medicijnen zijn dan wel werkzaam tegen een
bepaalde kwaal maar kunnen op hun beurt (denk aan het verstuiven van het
poeder voordat U het mengt met drinkwater!) ziekmakend of zelfs
kankerverwekkend zijn. Daarom dient ook het afvullen van de potjes met
poeders (het vullen van flesjes et cetera) aan bepaalde eisen te voldoen. Ook
dient op elk potje exact vermeld te staan (volgens de regels der wet) wat de
werkzame stof is, de datum van levering, de houdbaarheidsdatum, de
toedieningwijze en last but not least, de bijwerkingen. En dat is lastig als je er
bestanddelen in stopt die je verborgen wil houden voor de concurrent(dierenarts)
en al helemaal als het bestanddelen betreft die behoren tot een verboden groep.
En wat die bijwerkingen betreft, daar vallen ook de gevaren onder waaraan men
de mensheid blootstelt als zo’n duif in de consumptieketen terecht komt. Door
hem voor een paar kwartjes af te leveren bij de poelier die de duivenborst zo
aflevert in een toprestaurant. Die poelier stelt zich daarbij heus niet de vraag of
en zo ja welke medicamenten die duif tijdens haar leven geslikt heeft. En ik durf
te beweren dat bij sommige duivenliefhebbers de duiven zo vaak ‘ziek’ zijn dat
consumptie van diezelfde beestjes mijn haren onmiddellijk groen en geel zouden
doen kleuren. En dan heb ik het helemaal niet specifiek over ‘niet geregistreerde
medicijnen’.
Een niet geregistreerd medicijn mag dus wel degelijk voor een zieke duif
voorgeschreven worden maar dan in een zgn. magistrale bereiding. Met andere
woorden de dierenarts moet de duif zien, de ziekte vaststellen en constateren dat
de beste werking tegen de ziekte voortkomt uit een niet geregistreerd middel.
Bijvoorbeeld een antibioticum dat niet specifiek bij duiven getest is. In zo’n
geval mag hij dit antibioticum voorschrijven voor die duif of de groep duiven
waar die duif deel van uitmaakt
. Maar hij mag niet nog 5000 potjes van dat
‘niet geregistreerde middel’ op voorraad hebben voor alle liefhebbers die
morgen en overmorgen komen of diegenen die het middel toegestuurd krijgen in
Duitsland, België et cetera en waarvan hij de duiven niet eens zelf heeft gezien.
Dat betekent dat er voor de kleinschalig opererende duivenarts nog niet zoveel
aan de hand is. Voor diens praktijk bieden de magistrale bereidingen nog een
oplossing. Maar voor de duivenarts die nog slechts een heel klein percentage (of
moet ik zeggen promillage) van zijn klanten werkelijk op consult krijgt,
is er sprake van een probleem. Ook in deontologische zin want zijn kennis en
kunde wordt op die manier gedegradeerd en uitgehold. De kans op ‘meer
klinische ervaring’ wordt dan ingewisseld voor het lucratieve budget van
industriële apotheker.
Kern van de zaak
Kern van de zaak is dus niet zozeer dat dierenartsen verboden middelen geven
of (wat ook hier en daar gesuggereerd werd) bepaalde liefhebbers doping
zouden verstrekken die niet traceerbaar zou zijn in de meststoffen. Neen, het
gaat om het in voorraad hebben van grote hoeveelheden niet geregistreerde
medicijnen of medicijnen die in het grijze gebied zitten (chloramfenicol,
furazolidone) afgewogen en klaar voor toediening. En omdat de meeste
liefhebbers heel makkelijk de successen van de buurman toeschrijven aan de
dierenarts die hij heeft, wil men zelf ook die middelen geven. Dat is immers nog
steeds het meest voorkomende en onuitroeibare misverstand in de duivensport;
denken dat presteren (de gezondheid van duiven) afhankelijk is van medicijnen
of - erger nog – van verboden middelen. Er waren grootsprekers die riepen dat
de prestaties van bepaalde lieden sterk terug zouden lopen als er meer
gecontroleerd zou gaan worden op oneigenlijke stoffen. Maar er zijn nog tal van
kampioenen te noemen die die titel ook vorig jaar en het jaar ervoor verdienden.
Toch kan ik niet ontkennen dat er ook enkele gevestigde namen van het
strijdtoneel verdwenen zijn. Maar is dat toe te schrijven aan doping? Is dat niet
elk jaar het geval? En is dat niet juist de charme van onze sport dat de
overwinningen van morgen en overmorgen eerst nog behaald moeten worden?
Mijn stelling is dat de meeste kampioenen van vorig jaar ook dit jaar weer zullen
strijden om de ereplaatsen. Maar terug naar de zaak. Waarom grijpt de dierenarts
dan naar middelen die niet geregistreerd zijn? Omdat het scala van middelen
dat toegestaan is absoluut ontoereikend is om de duiven optimaal gezond te
houden.
Je gaat ook niet per fiets naar Rome als je er snel wil zijn! En hoe gaat
het vaak in de praktijk? Wat zijn de excessen waar we mee te maken hebben:
juist, ja de liefhebber kuurt op eigen houtje.
Vaak staat niet eens vast dat de duif ziek is, maar wordt voorbehoedend
(profylactisch) gekuurd. En omdat er geen werkelijke ziekte is aangetoond
middels een uitstrijkje, kweek of onder de microscoop is men geneigd maar iets
te pakken dat ‘in ieder geval werkt’. Liefst iets met ‘meerdere middelen in een
potje’. Ik noem dat wel eens het schieten op een mug met een kanon maar U
mag hier ook ‘n atoombom invullen. En daar komt de AID tegen in opstand.
Men wil dat de regels nageleefd worden (en niets dan dat) en dat geen grote
hoeveelheden geneesmiddelen in voorraad gehouden worden die bedoeld zijn
voor magistrale bereiding. Er zijn nu zelfs invallen gehouden bij dierenartsen die
een paar potjes op voorraad hebben van collega X omdat de liefhebbers persé
alleen het spul van X willen kopen. In dat geval was de actie van de AID dus
niet gericht tegen Y maar op het verzamelen van zoveel mogelijk
bewijsmateriaal tegen X.
Hoe kunnen we onze duiven nog gezond houden?
Volgens de wet is slechts de toediening aan duiven toegestaan van
medicamenten die geregistreerd staan. En dat zijn er maar heel weinig. Minder
dan waarover de dierenartsen zouden willen beschikken. Minder dan dat nodig
is om een ploeg topatleten gezond te houden. Zo schreef ik al dat de AID –
blijkens hun invallen - ontzettend veel interesse heeft voor furazolidone en
chloramfenicol. Furazolidone behoort tot de groep van de nitrofuranen. Er wordt
een heel breed werkingsspectrum aan toegeschreven maar het mag niet meer
verstrekt worden. Net zo min als Gambacoccid, Altabactine (ik gebruik hier
bewust de oude merknaam voor een menging van chloramfenicol en furaltadone
omdat die meer bekend is onder duivenmelkers) of Chloramfenicol. Zo maar een
greep uit een scala van medicamenten dat o zo bekend is in de duivensport maar
helaas……….ook o zo verboden. En als U nu in de buurt woont van de grens en
denkt de dans te kunnen ontspringen door in België of Duitsland te gaan
shoppen: jammer dan. België en Duitsland hebben nog meer problemen dan
Nederland. Officieel mag daar helemaal niets meer. Ronidazole (tegen
trichomoniasis oftewel het geel) bijvoorbeeld is in Duitsland helemaal van de
markt af. In België, voor zover ik weet, alleen nog in de zgn. 5% potjes hetgeen
betekent 2x zo hoog doseren. Ik kom daar later nog op terug.
Het gaat er dus op lijken dat de beschikbaarheid van medicamenten onder druk
komt te staan de komende tijd. Uw dierenarts mag in veel gevallen alleen nog
een potje over de toonbank schuiven dat net daarvoor, speciaal voor U, is
gevuld. Dat betekent in mijn optiek twee dingen; ‘in de rij staan’ aan het loket
en ‘duurder (maat)werk’.
Wat is de (politieke) betekenis van dat alles?
We hebben nog een deel van de discussie even ongemoeid gelaten. Namelijk de toediening van de medicijnen uit de zgn. 5% potjes. In de diergeneesmiddelenwet is een bepaling opgenomen om voor ‘minor species’ (waaronder cavia’s, vissen en ook onze duiven) vrij verhandelbare medicamenten te kunnen aanschaffen. Dit moeten dan potjes zijn met 1 medicament met een maximale concentratie van 5%. Dus absoluut geen combinatie van twee middelen want dan valt dit medicament niet onder deze bepaling. Deze medicamenten mogen door "eenieder" vrij worden verkocht. De toediening is immers "toch alleen maar voor minor species". Boven de 5% is het dus geen "vrij middel" maar een diergeneesmiddel dat onderworpen is aan registratieplicht. Het is een willekeurige grens die aan het bureau bepaald is bij de opstelling van de wet. Uitzondering op deze regel is weer de dierenarts die het recht heeft om daar waar geen diergeneesmiddel voor handen is uit de beslisboom zelf een "magistraal medicijn" te vervaardigen. Voor enkele dieren en dus niet op voorraad. De regelgeving is strikt en duidelijk. Dat is zo. Maar de 5% potjes houden enig risico in. Een risico dat t.z.t. stilaan op het bord van de duivenliefhebber terecht kan komen als "derden" (Volksgezondheid) zich er mee gaan bemoeien. Want 5% is niet altijd (bijna nooit) de concentratie die gewenst is. En tenzij je meerdere potjes tegelijk in de drinkbak wilt deponeren (maar dat doen we niet want ons Hollanders ‘bin’t zuenig’) is onderdosering en daarmee dreigende resistentie het gevolg. Immers als we medicamenten geven met een te lage hoeveelheid kunnen de beestjes die we meenden te bestrijden hun erfelijk materiaal aanpassen (virussen en bacteriën zijn daar miljoenen jaren in getraind) en ‘leren’ het medicament te overleven. Je selecteert als het ware de sterkste microben uit en maakt de ziekte nog gevaarlijker. Gevolg is dat ambtenaren op het ministerie in een pure zwart-wit benadering een oordeel zullen gaan vellen over de bedreiging van de volksgezondheid door het houden van duiven en dan is het snel gedaan met onze hobby. Conclusie
Ik weet het, dit is een wat pessimistische benadering van het geheel maar zeker
niet ontbloot van enig realiteitsbesef.
In zo’n optiek zou de duivensport wel eens de “sitting duck” blijken te zijn en
laten we wel wezen, het zou toch geweldig jammer zijn als we deze kant
opgaan. Laten we maar hopen dat ik het hartstikke verkeerd zie. Wat we er
mogelijk bij opschieten is dat we wellicht - over enige tijd – alleen nog maar
potjes krijgen waar precies op staat wat de inhoud, de werkbare stof, de
toedieningwijze et cetera is. Vanaf dat moment geen ‘fancy names’ meer zoals 4
in 1 poeder of poeder 12 en 13. Maar op dat moment zie je ook als liefhebber
wat beter in hoe vaak je werkelijk het een of andere antibioticum geeft.
Een andere mogelijkheid is dat we hier een nieuwe bedreiging van onze hobby
in de ogen zien. Misschien staan we wel allemaal op en bieden de NPO een
petitie aan namens alle duivenmelker in Nederland. Misschien gaan we nu
massaal actie voeren en laten we op die manier een vuist zien. Een vuist van
vastberadenheid. Een stevige knuist waarmee we duidelijk maken dat we
optreden als een hechte groep mensen die zich zijn hobby niet laat afnemen.
Misschien is dit wel een strijdpunt waarbij we zodanig actie moeten voeren dat
we op positieve manier de media halen. Bezorgd om het welzijn van onze
duiven. In de tweede alinea schreef ik reeds dat de staatssecretaris dit een
verantwoordelijkheid noemt van de sport zelf om dit probleem op te lossen. Wat
doen we……….….?
Drs. H.C. Mulders, bac.

Source: http://www.krabbelsvankrabber.nl/Archief/2005enouder/Achtergronden%20van%20het%20medicatieprobleem-definitief.pdf

Issue no 17.doc

NEWSLETTER Lavender&Wheat/ For therapy or lifecoaching, NLP works Wheat bags Last year, the TV critic Jaci Stephen wrote an article in the Daily Mail under the headline “I’ve Spent 20 Years In Therapy But Was Any Of It Worthwhile?” She’d been in various treatments for depression and lack of self-confidence and, sadly, had no good experiences with any of her the

Microsoft word - lecture_03.doc

Electron Transport Chain In non-biologic systems, energy is produced in the form of heat by direct reaction between hydrogen and oxygen, then heat can be transformed into mechanical or electric energy. This process is explosive, inefficient and uncontrolled. In biologic systems, the cells use electron transport chain to transfer electrons stepwise from substrates to oxygen. Thus producing ene

Copyright © 2018 Predicting Disease Pdf